ECLI:NL:GHSHE:2004:AR3682
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Ficq
- De Poorter
- Simmelink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake ontzegging rijbevoegdheid wegens overtreding Wegenverkeerswet 1994
De verdachte is in eerste aanleg veroordeeld voor het besturen van een motorrijtuig terwijl hem de rijbevoegdheid door een onherroepelijk vonnis was ontzegd. Voor het bewijs van deze overtreding is vereist dat niet alleen de onherroepelijke ontzegging vaststaat, maar ook dat de verdachte persoonlijk is geïnformeerd via het schrijven bedoeld in artikel 180, derde lid, Wegenverkeerswet 1994.
Uit de stukken van het geding blijkt wel dat de ontzegging onherroepelijk is opgelegd, maar niet dat het schrijven aan de verdachte persoonlijk is uitgereikt. Hierdoor kan niet worden vastgesteld dat de ontzegging ten tijde van het besturen van het motorrijtuig ten uitvoer werd gelegd en het besturen dus verboden was.
Het hof besluit daarom het onderzoek te heropenen en de behandeling te hervatten op 20 oktober 2004. De advocaat-generaal krijgt opdracht de stukken aan te vullen met het bedoelde schrijven en de akte van betekening. Tevens worden de verdachte, zijn raadsman en een Engelse tolk opgeroepen voor de zitting.
Deze beslissing is genomen door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch en uitgesproken op 18 augustus 2004. Mr. Simmelink kon het arrest niet medeondertekenen.
Uitkomst: Het hof beveelt heropening van het onderzoek wegens ontbreken van bewijs van persoonlijke uitreiking van het schrijven over de ontzegging rijbevoegdheid.