ECLI:NL:GHSHE:2004:AR4770
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Lamers
- Smeenk-van der Weijden
- Stollenwerck
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en gefaseerde afbouw van alimentatieverplichting na langdurige scheiding
Partijen zijn in 1966 gehuwd en in 1988 gescheiden, waarbij de man alimentatie aan de vrouw werd opgelegd. De vrouw heeft een traditionele rolverdeling gehad en beperkte verdiencapaciteit. De man verzocht de alimentatie per 1 oktober 2003 te beëindigen, maar de rechtbank wees dit af. Het hof bevestigt dat beëindiging per die datum een te ingrijpende inkomensdaling van meer dan 30% voor de vrouw betekent.
Hoewel de vrouw enige jaren zelf in haar behoefte kon voorzien en meer inkomen had dan haar huwelijksgerelateerde behoefte, acht het hof dit onvoldoende om onmiddellijke beëindiging te rechtvaardigen. Wel acht het hof een gefaseerde afbouw passend, waarbij de vrouw geleidelijk kan wennen aan het lagere inkomen.
De alimentatie wordt daarom vanaf 1 november 2004 stapsgewijs verlaagd tot 20 juli 2010, de datum waarop de vrouw 65 jaar wordt. De wettelijke indexering wordt uitgesloten. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt. Het hof vernietigt de eerdere beschikking deels en bepaalt deze regeling als nieuwe uitspraak.
Uitkomst: Het hof wijst onmiddellijke beëindiging van alimentatie af, maar bepaalt een gefaseerde afbouw tot 20 juli 2010.