ECLI:NL:GHSHE:2004:AR7183
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verplichte ziekenfondsverzekering zelfstandige in 2003 door Inspecteur
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of de Inspecteur bij beschikking van 15 november 2002 terecht heeft verklaard dat de belanghebbende als zelfstandige voldeed aan de voorwaarden voor de verplichte ziekenfondsverzekering in 2003.
De belanghebbende voerde aan dat het inkomen in het SO-biljet 2001 onjuist was aangegeven, dat de toetsing van het inkomen in de startersregeling onjuist was omdat slechts één jaar werd meegenomen, en dat hij in 2003 geen winst uit onderneming had omdat hij vanaf 1 maart 2003 directeur-grootaandeelhouder was geworden. Het hof oordeelde dat de belanghebbende geen feiten aannemelijk had gemaakt die een onjuist inkomen in het SO-biljet onderbouwden en dat de Inspecteur terecht was uitgegaan van de gegeven schatting.
Verder verwees het hof naar een arrest van de Hoge Raad waarin werd bevestigd dat het hanteren van één toetsjaar niet in strijd is met algemene rechtsbeginselen en dat de regeling niet buiten de bevoegdheid van de Minister valt. De stelling dat de belanghebbende in 2003 geen winst uit onderneming had, was volgens het hof niet relevant in deze procedure, omdat dit in een andere procedure tegen de aanslag premieheffing Ziekenfondswet 2003 aan de orde zou moeten komen.
Het hof concludeerde dat de Inspecteur op basis van de beschikbare gegevens terecht had verklaard dat de belanghebbende voldeed aan de voorwaarden voor de verplichte ziekenfondsverzekering in 2003. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van de belanghebbende tegen de verklaring van verplichte ziekenfondsverzekering in 2003 wordt ongegrond verklaard.