Uitspraak
GBH VASTGOED B.V.,
COLOREX B.V.,
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak stond centraal of tussen GBH Vastgoed B.V. en Colorex B.V. een huurovereenkomst voor bedrijfsruimte tot stand was gekomen. De kantonrechter had dit ontkennend beantwoord, maar het hof heeft dit oordeel herzien.
Het hof stelde vast dat na een openbaar aanbod en onderhandelingen, Colorex met een brief van 15 januari 2001 uitdrukkelijk akkoord ging met een voorlopig huur/koopcontract, wat het hof als aanvaarding van het aanbod kwalificeerde. De brief van GBH van 15 februari 2001 met een conceptovereenkomst en verzoek tot ondertekening bevestigde dit. Het hof verwierp het verweer van Colorex dat nader overleg een opschortende voorwaarde zou zijn.
Subsidiair voerde Colorex dwaling aan vanwege onvoldoende vloerbelasting, maar het hof oordeelde dat GBH geen informatieplicht had en dat Colorex zelf had moeten informeren. De buitengerechtelijke ontbinding door Colorex op grond van dwaling was niet rechtsgeldig. Het hof veroordeelde Colorex tot betaling van €140.626,39 plus rente en kosten, en wees overige vorderingen af.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat een huurovereenkomst tot stand is gekomen en veroordeelt Colorex tot betaling van €140.626,39 met rente en kosten.