ECLI:NL:GHSHE:2005:AS2652
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Van Teeffelen
- Van der Velden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep echtscheiding en gezagskwesties met omgangsonderzoek en woninggebruik
Partijen zijn gehuwd sinds 31 december 2002 en hebben een minderjarige dochter geboren op 24 augustus 2003. De rechtbank heeft de echtscheiding uitgesproken en het gezag over de dochter aan de moeder toegekend. De vader is tegen deze beslissingen in hoger beroep gegaan en heeft tevens verzoeken ingediend over omgang, woninggebruik, partneralimentatie en boedelverdeling.
Het hof constateert dat de relatie tussen partijen ernstig verstoord is door strafrechtelijke veroordelingen van de vader wegens bedreiging en stalking van de moeder. Er is geen communicatie mogelijk tussen partijen, wat het gezamenlijk gezag niet in het belang van het kind maakt. De omgang met de vader wordt voorlopig aangehouden, omdat het hof een onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming naar zijn geschiktheid noodzakelijk acht.
De vader maakt aanspraak op het voortgezet gebruik van de echtelijke woning op grond van huwelijkse voorwaarden, maar het hof oordeelt dat hij misbruik maakt van dit recht gezien de gewijzigde omstandigheden en de eigendom van de woning door de moeder. Verzoeken tot vernietiging van een overeenkomst en financiële vorderingen van de vader worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De partneralimentatie wordt afgewezen vanwege het ontbreken van draagkracht bij de moeder.
Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en verklaart de vader niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de echtscheiding. De beslissing over omgang wordt aangehouden tot het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming is ontvangen, waarna verdere behandeling kan plaatsvinden.
Uitkomst: Het hof verklaart de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de echtscheiding, bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en gelast een omgangsonderzoek.