ECLI:NL:GHSHE:2005:AT3996
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Lamers
- Draijer-Udo
- Van der Velden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onderhoudsbijdrage na huwelijk en samenwoning met nieuwe partner
De man is na zijn echtscheiding gaan samenwonen en trouwen met mevrouw A., die voldoende eigen inkomen heeft uit pensioen en lijfrente. De man ontving een Ioaw-uitkering die hij per 1 augustus 2003 vrijwillig staakte vanwege zijn samenwoning. De vrouw vorderde dat de man zijn onderhoudsbijdrage zou blijven betalen op basis van zijn fictieve draagkracht inclusief de Ioaw-uitkering.
Het hof overweegt dat de man ondanks zijn samenwoning aanspraak had op een lagere Ioaw-uitkering, maar deze niet wenst te laten gelden omdat dit zou betekenen dat zijn echtgenote, die al lange tijd niet werkte, verplicht zou worden te solliciteren en te werken. Gezien haar leeftijd, arbeidsverleden en weigering tot sollicitatie, kan van de man niet redelijkerwijs worden verlangd dat hij zijn aanspraak op de Ioaw-uitkering geldend maakt.
Het hof stelt de draagkracht van de man vast op basis van zijn daadwerkelijke inkomen, rekening houdend met lasten en fiscale aspecten. De onderhoudsbijdrage wordt vastgesteld op €156 per maand tot 1 september 2005, daarna €220 per maand tot 1 maart 2007, en nihil vanaf die datum, omdat de vrouw dan AOW ontvangt. Tevens wordt bepaald dat de vrouw geen terugbetaling hoeft te doen van te veel betaalde bedragen.
Uitkomst: De onderhoudsbijdrage van de man aan de vrouw wordt vastgesteld met een afbouw tot nihil per 1 maart 2007.