ECLI:NL:GHSHE:2005:AU0476
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Koens
- Van Zinnen
- Smeets
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor wegens voortdurende onrechtmatige gedragingen van het CWI
X verzocht de rechtbank om een voorlopig getuigenverhoor te bevelen, maar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring van de onderliggende vordering. De rechtbank oordeelde dat de verjaringstermijn van vijf jaar was aangevangen in 1998, toen X bekend was met de schade en de aansprakelijke persoon.
In hoger beroep stelde X dat de onrechtmatige gedragingen voortduren, aangezien het CWI nog steeds negatieve en lasterlijke informatie verspreidt, wat een voortdurende onrechtmatige toestand vormt met een verjaringstermijn van twintig jaar volgens artikel 3:314 BW Pro. Tevens stelde X dat hij na 1998 schade bleef lijden door deze gedragingen.
Het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat de vordering verjaard was en dat X voldoende concreet had gemaakt welke feiten hij wilde bewijzen met het getuigenverhoor. Ook werd geoordeeld dat X een redelijk belang had bij het verzoek en dat er geen sprake was van misbruik van bevoegdheid.
Het hof vernietigde de beschikking van de rechtbank en verwees de zaak terug voor verdere behandeling, waarbij het voorlopig getuigenverhoor wordt toegestaan en de rechter-commissaris zal bepalen welke getuigen worden gehoord en wanneer dit zal plaatsvinden.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank en wijst het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor toe, waarna de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.