ECLI:NL:GHSHE:2005:AU4635
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Venhuizen
- Keizer
- Van der Molen
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot starten openbare Europese aanbestedingsprocedure door stichting Amphia
Stichting Amphia, ontstaan uit een fusie van drie ziekenhuizen, besloot in 2002 een nieuwe productiekeuken te bouwen en voedselverdeelwagens aan te schaffen. Omdat het bedrag de Europese drempelwaarde overschreed, diende een openbare Europese aanbestedingsprocedure te worden gevolgd. Amphia nodigde vijf leveranciers uit, waaronder Sortrans en Temprite, en voerde selectietesten uit.
Sortrans vorderde in kort geding een verbod om de opdracht aan een ander dan haar te gunnen en een verplichting tot onderhandelen, subsidiair een dwangsom om een Europese aanbestedingsprocedure te starten. De voorzieningenrechter wees de subsidiaire vordering toe en veroordeelde Amphia in de proceskosten. Amphia ging in hoger beroep en voerde onder meer aan dat zij niet als aanbestedende dienst moest worden aangemerkt en dat het peiljaar 2005 moest gelden.
Het hof oordeelde dat Amphia in 2004 als aanbestedende dienst kwalificeert, omdat zij een instelling is met een algemeen belang, rechtspersoonlijkheid bezit en grotendeels publiek wordt gefinancierd. Het hof verwierp het beroep op het peiljaar 2005 en bevestigde dat de aanbestedingsprocedure reeds in 2004 was gestart. Het spoedeisend belang voor voorlopige voorzieningen ontbrak inmiddels, maar het hof oordeelde dat de voorzieningenrechter terecht de subsidiaire vordering had toegewezen en Amphia in de proceskosten had veroordeeld.
Het hoger beroep werd verworpen en het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd. Amphia werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Amphia in de proceskosten van het hoger beroep.