ECLI:NL:GHSHE:2005:AU4725
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Jaspers
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid Nederlandse CAO op Duitse chauffeurs in grensoverschrijdend vervoer
De Stichting Naleving CAO Beroepsgoederenvervoer (NCG) vordert dat [geïntimeerde] de Nederlandse CAO naleeft voor Duitse chauffeurs die grensoverschrijdend vervoer tussen Duitsland en Zwitserland verrichten. [Geïntimeerde] betaalt deze chauffeurs een all-in beloning volgens Duits recht. De kern van het geschil betreft de vraag welk recht op de arbeidsovereenkomsten van toepassing is en of de CAO van toepassing is op deze chauffeurs.
De kantonrechter oordeelde dat Duits recht van toepassing is op de arbeidsovereenkomsten, omdat de chauffeurs hun arbeid gewoonlijk in Duitsland verrichten. Het hof bevestigt dit oordeel en legt uit dat het centrum van de beroepswerkzaamheden bepalend is voor het toepasselijke recht volgens artikel 6 lid 2 van Pro het EVO. De Nederlandse vergunningen en vestiging van [geïntimeerde] zijn niet doorslaggevend.
Omdat de CAO alleen algemeen verbindend is verklaard binnen Nederland en niet in Duitsland werkt, en de arbeidsovereenkomsten geen rechtskeuze voor Nederlands recht bevatten, is de CAO niet van toepassing op de Duitse chauffeurs. De vorderingen van NCG worden daarom afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd met verbetering van gronden.
Uitkomst: De vorderingen van NCG tot naleving van de Nederlandse CAO voor Duitse chauffeurs worden afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.