ECLI:NL:GHSHE:2005:AU5094
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Pouw
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Afwijzing definitieve schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende sollicitatievermogen
Appellanten, een man en een vrouw, hebben de rechtbank verzocht om de definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank wees dit verzoek af omdat de man niet te goeder trouw zou zijn geweest bij het ontstaan van een aanzienlijke schuld en omdat de vrouw niet aan haar sollicitatieplicht zou kunnen voldoen vanwege haar analfabetisme en gebrekkige kennis van het Nederlands.
De man had onder andere zonder toestemming van de bewindvoerder een auto verkocht waarop beslag lag, en had een aanzienlijke schuld bij de Regiobank die vermoedelijk door valsheid in geschrifte was ontstaan. Hij erkende de lening, maar stelde niet verantwoordelijk te zijn voor het frauduleus handelen van een bankmedewerker. Het hof oordeelde dat hij niet te goeder trouw was en dat zijn verzoek daarom terecht werd afgewezen.
De vrouw had in Turkije slechts enkele maanden onderwijs gevolgd en was analfabeet. Ze sprak nauwelijks Nederlands en kon daardoor niet voldoen aan de sollicitatieplicht die de schuldsaneringsregeling vereist. Het hof vond dat haar verzoek ook daarom moest worden afgewezen.
Het hof bekrachtigde de vonnissen van de rechtbank en wees het verzoek tot definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling af voor beide appellanten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van de definitieve schuldsaneringsregeling wegens het ontbreken van goede trouw bij de man en onvoldoende sollicitatievermogen bij de vrouw.