ECLI:NL:GHSHE:2005:AU5216
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Otten
- Van Zon
- Ficq
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor handel in hennep als bedrijf ondanks kleine hoeveelheden
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 9 september 2005 in hoger beroep uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het verkopen van hennep. Het hof oordeelde dat verdachte samen met een mededader gedurende de periode van 1 maart 2004 tot en met 23 juli 2004 op geregelde, stelselmatige wijze en volgens een vooropgezet plan hennep heeft verkocht, wat kwalificeert als handelen in de uitoefening van een bedrijf in de zin van artikel 11, derde lid, van de Opiumwet.
De verdediging voerde aan dat het niet bewezen kon worden dat sprake was van een bedrijf en dat het feit een overtreding betrof omdat de verkochte hoeveelheden nooit meer dan 30 gram bedroegen. Het hof verwierp dit verweer op grond van de bewijsmiddelen waaruit bleek dat verdachte en zijn mededader afspraken maakten over taakverdeling, dagelijks verkochten aan een grote kring afnemers vanuit een vast verkooppunt en winstbejag hadden.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en verklaarde alleen bewezen dat verdachte in de uitoefening van een bedrijf hennep verkocht. Verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 160 uur, met een vervangende hechtenis van 80 dagen bij niet-nakoming. Tevens werd een eerdere taakstraf van 20 uur opgelegd voor een ander feit bevestigd. Mr. Ficq kon het arrest niet medeondertekenen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 160 uur wegens handelen in de uitoefening van een bedrijf in strijd met de Opiumwet.