ECLI:NL:GHSHE:2005:AU8558
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J. Huurman-van Asten
- M.J.H.J. de Vries-Leemans
- J.J. van der Kaaden
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs deelname aan illegale tewerkstellingsorganisatie Poolse werknemers
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor deelname aan een organisatie die zich vermeend schuldig maakte aan het behulpzaam zijn bij het wederrechtelijk verblijf en tewerkstelling van Poolse werknemers in Nederland, alsmede het opzettelijk niet afdragen van loonbelasting en premies.
Het hof oordeelde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat de Poolse werknemers zich wederrechtelijk toegang tot Nederland hadden verschaft of dat hun verblijf wegens gevaar voor de openbare orde of het niet voldoen aan de meldingsplicht als bedoeld in artikel 62 van Pro het Vreemdelingenbesluit wederrechtelijk was. Hoewel verdachte wist van het mogelijk wederrechtelijk verblijf van bepaalde Poolse werknemers, was onvoldoende bewijs dat het oogmerk van de organisatie hierop was gericht.
Daarnaast werd geoordeeld dat de enkele omstandigheid dat geen tewerkstellingsvergunning was aangevraagd, niet automatisch een gevaar voor de openbare orde oplevert. Het hof verwierp het betoog dat het verblijf van de werknemers daardoor wederrechtelijk was.
De tenlastelegging betrof ook het opzettelijk niet afdragen van loonbelasting en premies, maar het hof vond onvoldoende bewijs dat de organisatie dit als oogmerk had. De verdediging voerde onder meer nietigheid van de dagvaarding aan, maar dit werd verworpen.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van deelname aan een illegale organisatie voor tewerkstelling van Poolse werknemers.