ECLI:NL:GHSHE:2005:AU9696
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Swinkels
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van verzuimboete bij te late aangifte en betaling dividendbelasting
Belanghebbende, een besloten vennootschap, diende de aangifte dividendbelasting over 2001 te laat in en betaalde ook te laat een bedrag van €130.839,-. De Inspecteur legde daarop een verzuimboete van €4.537,- op, welke belanghebbende betwistte. Het geschil spitste zich toe op de vraag of de boete moest worden opgelegd op grond van § 23 lid 4 of § 24 lid 2 van het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998 (BBBB).
Het hof overwoog dat § 24 van het BBBB van toepassing is op situaties waarin te weinig belasting is aangegeven, ongeacht of het een periodieke aangifte betreft. De Inspecteur heeft de boete terecht opgelegd op grond van § 24 lid 2, gelet op de vrijwillige verbetering. Het hof vond de boete passend gezien de hoogte van het te laat aangegeven en betaalde bedrag.
Wel werd de boete verminderd met 10% tot €4.083,- vanwege overschrijding van de redelijke termijn voor uitspraak door het hof, die ruim twee jaar bedroeg. De overschrijding was niet toe te rekenen aan bijzondere omstandigheden en slechts gedeeltelijk aan belanghebbende. Het hof verklaarde het beroep ongegrond, vernietigde de eerdere uitspraak en boetebeschikking en handhaafde de aangepaste boete.
Uitkomst: De verzuimboete wordt bevestigd en verminderd tot €4.083,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.