ECLI:NL:GHSHE:2005:AV0806
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Meijer
- P. Fortuin
- G.D. van Norden
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke waardering van schuldvorderingen bij aandelenverkoop binnen familiebedrijf
De belanghebbende verkocht in 1996 zijn aandelen in meerdere vennootschappen binnen de C-groep aan zijn broer en diens beheersmaatschappijen. De verkoopprijs bestond deels uit directe betalingen en deels uit schuldvorderingen op de vier beheersmaatschappijen, waarvoor een betalingsschema tot 2005 was overeengekomen. De Inspecteur stelde de waarde van deze schuldvorderingen hoger vast dan de belanghebbende, die een afwaardering toepaste.
Het geschil spitste zich toe op de juiste waardering van deze schuldvorderingen op het moment van de aandelenverkoop, rekening houdend met de marktrente, de solvabiliteit van de beheersmaatschappijen en de werking van het pandrecht. Het Hof analyseerde de financiële situatie van de betrokken vennootschappen en concludeerde dat de waarde in het economische verkeer lager was dan door de Inspecteur vastgesteld.
Uiteindelijk stelde het Hof de waarde van de schuldvorderingen op 70% van de door de Inspecteur berekende contante waarde vast, waardoor de winst uit aanmerkelijk belang en het belastbare inkomen aanzienlijk werden verminderd. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de belanghebbende.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd door een lagere waardering van schuldvorderingen bij aandelenverkoop, met vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de belanghebbende.