ECLI:NL:GHSHE:2006:AW1763
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.M.W.M. van den Elzen
- N.J.L.M. Tuijn
- S.B.M. Voorhoeve
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid Koninklijke Marechaussee bij opsporing Opiumwet overtreding
In deze strafzaak stond de vraag centraal of ambtenaren van de Koninklijke Marechaussee bevoegd waren tot het zelfstandig verrichten van opsporingshandelingen in verband met een vermoedelijke overtreding van artikel 197a van het Wetboek van Strafrecht, gerelateerd aan de Opiumwet.
De doorzoeking van een woning vond plaats door marechaussees die bevoegd waren om op te treden bij het stuiten op strafbare feiten tijdens hun politietaken. Echter, het vervolgonderzoek naar de vermoedelijke overtreding van de Opiumwet werd zonder samenwerking met de politie zelfstandig door de marechaussees uitgevoerd, wat volgens het hof niet toegestaan is.
De rechtbank had geoordeeld dat de marechaussees bevoegd waren, mede vanwege toestemming van de rechter-commissaris en overleg met de politie, maar het hof verwierp dit standpunt. Het hof bevestigde dat de marechaussees alleen bevoegd zijn tot assistentie bij grensoverschrijdende criminaliteit en niet zelfstandig opsporingsonderzoek mogen verrichten zonder politie.
Daarom kunnen de processen-verbaal die door de marechaussees zijn opgemaakt in dit kader niet als bewijs dienen. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank voor zover het oordeel betreft dat de marechaussees onbevoegd waren en vernietigde het bewijs dat op die onrechtmatigheid berust.
De verdachte werd uiteindelijk veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest vanwege onbevoegd optreden van de marechaussee bij opsporing.