ECLI:NL:GHSHE:2006:AW2638
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Pouw
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Verlening van verlof voor cassatieberoep tegen beschikking inzake verzoek om nadere inlichtingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens
In deze civiele procedure betreffende de Wet bescherming persoonsgegevens heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch op 7 februari 2006 aan Dexia Bank Nederland N.V. verlof verleend om cassatieberoep in te stellen tegen een eerdere beschikking van het hof van 16 januari 2006. Deze beschikking betrof een verzoek van de wederpartij om nadere inlichtingen en stukken te verstrekken.
Dexia voerde aan dat het principiële karakter van de rechtsvragen die aan de orde waren, rechtvaardigde dat de Hoge Raad hierover zou oordelen voordat zij aan het verzoek zou voldoen. De wederpartij betwistte dit en stelde dat het verzoek individueel en uniek was, en dat het instellen van cassatieberoep de procedure onnodig zou vertragen.
Het hof oordeelde dat de rechtsvragen wel degelijk principieel van aard waren en dat het belang van Dexia om cassatieberoep in te stellen zwaarder woog dan het belang van de wederpartij. Het verzoek om een nadere dwangsom werd in deze procedure niet toegewezen en de beschikking van 16 januari 2006 werd niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Het hof achtte het verzoek van Dexia voldoende gemotiveerd en verleende het verlof tot cassatieberoep, waarbij het belang van een juiste rechtsontwikkeling en rechtsbescherming werd meegewogen.
Uitkomst: Het hof verleent Dexia verlof om cassatieberoep in te stellen tegen de beschikking van 16 januari 2006.