ECLI:NL:GHSHE:2006:AW4177
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Hendriks-Jansen
- Fikkers
- Van der Flier
- Rechtspraak.nl
Beoordeling benadeling gezamenlijke crediteuren bij betalingsconstructie Ko-Ve en VVE
In deze zaak staat centraal of een overeenkomst tussen Ko-Ve Bouw B.V. en de Vereniging van Eigenaren (VVE) waarbij de VVE haar schuld aan Ko-Ve betaalde door rechtstreeks aan drie onderaannemers te betalen, heeft geleid tot benadeling van de gezamenlijke crediteuren van Ko-Ve in de zin van artikel 42 Faillissementswet Pro.
De curator van Ko-Ve stelde dat deze betalingsconstructie de boedel heeft verarmd omdat de vordering op de VVE niet meer bestond en dat de gezamenlijke schuldeisers beter af zouden zijn geweest als de betaling rechtstreeks aan Ko-Ve was gedaan. De VVE voerde aan dat de betaling noodzakelijk was om vertraging in de bouw te voorkomen en dat de onderaannemers anders hun werk hadden neergelegd.
Het hof overweegt dat er geen bewijs is dat het eigen vermogen van Ko-Ve is verminderd of dat de rangorde van crediteuren is doorbroken. Er is geen beslag gelegd op de rekening van Ko-Ve en de betaling aan de onderaannemers vond plaats met goedkeuring van Ko-Ve. Een kans op benadeling is onvoldoende voor een geslaagd beroep op artikel 42 Fw Pro.
De curator is ontvankelijk in zijn vordering tegen de VVE en de grieven falen. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Maastricht en veroordeelt de curator in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van de curator af wegens ontbreken van benadeling van gezamenlijke crediteuren.