ECLI:NL:GHSHE:2006:AW4284
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Feith
- Hendriks-Jansen
- Fikkers
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor mishandeling en schadevergoeding na val met schedelbasisfractuur
In deze civiele zaak staat de aansprakelijkheid van geïntimeerde voor een mishandeling op 25 juni 2000 centraal, waarbij appellant ernstig letsel opliep. De rechtbank had vastgesteld dat geïntimeerde onrechtmatig handelde en aansprakelijk was voor de schade, maar wees de vorderingen grotendeels af wegens onvoldoende onderbouwing.
Het hof bevestigt dat geïntimeerde schuld draagt aan de mishandeling en wijst zijn beroep op noodweer af vanwege onvoldoende feitelijke onderbouwing en tegenstrijdige getuigenverklaringen. Ook het betwiste causaal verband tussen de klap en het letsel wordt door het hof gehandhaafd, waarbij geldt dat de dader het slachtoffer neemt zoals het zich aandient.
De vorderingen voor materiële schade worden afgewezen wegens gebrek aan bewijs, evenals kosten voor verzorging door derden. Appellant mag echter bewijs leveren via een deskundigenrapport over het voortbestaan en de gevolgen van zijn klachten. De zaak wordt aangehouden om partijen gelegenheid te geven zich hierover uit te laten, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: Het hof bevestigt aansprakelijkheid voor mishandeling en houdt de zaak aan voor deskundigenonderzoek naar de blijvende klachten.