ECLI:NL:GHSHE:2006:AW9586
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Huurprijsbetaling ondanks overlast door bovenburen; geen huurvermindering toegekend
In deze zaak stond centraal of de huurder gerechtigd was de huurprijs te verminderen vanwege overlast van bovenburen die ook huurder waren van dezelfde verhuurder. De huurder stelde dat de verhuurder tekortgeschoten was in haar verplichting tot het verschaffen van ongestoord huurgenot, waardoor zij de huur deels niet betaalde.
De huurder had meerdere juridische procedures gevoerd tegen de bovenburen en de verhuurder aangesproken om de overlast te beëindigen. De verhuurder had geprobeerd te bemiddelen, maar zonder succes. De kantonrechter kende de vordering van de verhuurder tot betaling en ontbinding toe, waarna de huurder in hoger beroep ging en vermindering van de huurprijs vorderde vanaf 1 november 2003.
Het hof oordeelde dat overlast niet automatisch leidt tot het vervallen van de betalingsverplichting. Hoewel de huurder bewijsstukken over overlast overlegde, betroffen deze incidenten vóór 1 november 2003. Voor de periode daarna waren de feiten onvoldoende om een gebrek in de zin van artikel 7:204 BW Pro aan te nemen. De grieven van de huurder werden verworpen en het vonnis van de kantonrechter werd bekrachtigd.
De huurder werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De uitspraak bevestigt dat verhuurders niet zonder meer aansprakelijk zijn voor overlast veroorzaakt door andere huurders en dat huurvermindering alleen mogelijk is bij voldoende bewijs van een gebrek na de vervaltermijn.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de huurvermindering af; de huurder blijft gehouden tot volledige huurbetaling.