ECLI:NL:GHSHE:2006:AX2979
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Koster
- Aarts
- Grapperhaus
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens reorganisatie met kennelijk onredelijke gevolgen en toekenning schadevergoeding
In deze zaak stond het ontslag van werknemer [Y.] centraal, na een reorganisatie bij werkgever [X.] B.V. waarbij de functie van fabriekscontroller kwam te vervallen. Hoewel het ontslag bedrijfseconomisch gerechtvaardigd was vanwege stagnatie in de afzetmarkt en efficiencymaatregelen, oordeelde het hof dat de gevolgen voor de werknemer te ernstig waren in verhouding tot het belang van de werkgever.
De werknemer had 12 jaar ervaring bij de werkgever en was 51 jaar oud, met beperkte kansen op een gelijkwaardige baan. Ondanks het aanbod van een suppletieregeling en outplacement, vond het hof dat de vergoeding onvoldoende was, mede gezien eerdere sociale plannen met hogere ontslagvergoedingen binnen het concern. De werkgever kon niet aantonen dat de financiële situatie een ruimere vergoeding niet toeliet.
Het hof verwierp het verweer van de werkgever dat er een vaststellingsovereenkomst was gesloten en oordeelde dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was vanwege het ontslagmotief of herplaatsingsmogelijkheden. Wel werd de schadevergoeding vastgesteld op €55.000, waarbij reeds betaalde suppletie in mindering werd gebracht. Het arrest bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde partijen in proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag is kennelijk onredelijk wegens ernstige gevolgen voor werknemer, waardoor een schadevergoeding van €55.000 wordt toegekend.