ECLI:NL:GHSHE:2006:AY6377
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- F. van Beuge
- N.J.L.M. Tuijn
- A.H.Q. Goossens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken wetenschap ongewenst vreemdeling na vernietiging beschikking
In deze strafzaak stond verdachte terecht wegens het vermeende verblijf als ongewenst vreemdeling in Nederland. De tenlastelegging baseerde zich op een beschikking van de Minister van Vreemdelingenzaken en Integratie van 1 maart 2005, waarin verdachte tot ongewenst vreemdeling werd verklaard.
Verdachte voerde verweer dat deze beschikking was vernietigd op 1 september 2005 en dat niet vaststond dat deze beschikking ooit was gepubliceerd, waardoor niet bewezen kon worden dat hij daadwerkelijk als ongewenst vreemdeling was aangemerkt. Tevens stelde hij dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard omdat het voor hem feitelijk onmogelijk was Nederland te verlaten.
Het hof oordeelde dat het openbaar ministerie ontvankelijk was omdat geen omstandigheden waren gebleken die het vertrek van verdachte onmogelijk maakten. Vervolgens stelde het hof vast dat de beschikking van 1 maart 2005 geen werking meer had vanwege de vernietiging en dat niet bewezen kon worden dat verdachte wetenschap had van zijn status als ongewenst vreemdeling op grond van die beschikking.
Daarom sprak het hof verdachte vrij van het ten laste gelegde. De overige verweren behoefden geen bespreking meer. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht door verdachte vrij te spreken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet wettig en overtuigend is bewezen dat hij wetenschap had van zijn status als ongewenst vreemdeling.