ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ3954
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Philips
- Van der Velden
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ontruiming echtelijke bedrijfswoning met afwijzing opschortende voorwaarde
Partijen zijn voormalige echtgenoten die in geschil zijn over het gebruik en de ontruiming van de echtelijke woning gelegen op het bedrijfsterrein van de man. De woning wordt door het hof als bedrijfswoning aangemerkt vanwege de ligging op het terrein en het bestemmingsplan. De vrouw werd door de voorzieningenrechter veroordeeld tot ontruiming, met een opschortende voorwaarde dat de man €60.000 aan haar zou betalen.
De vrouw betwistte deze kwalificatie en stelde dat zij recht had op een hogere vergoeding, zelfs tot €600.000, als voorwaarde voor ontruiming. Het hof verklaarde haar subsidiaire vordering niet-ontvankelijk omdat deze niet in eerste aanleg was ingesteld. Daarnaast oordeelde het hof dat de voorzieningenrechter niet bevoegd was om ambtshalve een dergelijke opschortende voorwaarde toe te kennen, mede omdat de vrouw sinds 2004 bij haar nieuwe partner woont en voldoende mogelijkheden heeft voor huisvesting.
Ook het beroep van de man tegen de afwijzing van de dwangsom werd verworpen omdat de vrouw al lange tijd niet in de woning verblijft en niet aannemelijk is dat zij niet zal meewerken aan ontruiming. De proceskosten werden gecompenseerd vanwege de aard van de procedure en de relatie tussen partijen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontruiming van de vrouw uit de echtelijke woning en wijst de opschortende voorwaarde van betaling van €60.000 af.