ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ6967
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Draijer-Udo
- Philips
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep partneralimentatie na ontslag en aankoop stamrecht
Partijen zijn in 1971 gehuwd en gescheiden in 2003. De man werd in 2005 werkloos en ontving een ontslagvergoeding die hij gebruikte voor de aankoop van een stamrecht om de periode tussen het einde van zijn WW-uitkering en zijn AOW-leeftijd te overbruggen. De rechtbank had geweigerd de partneralimentatie te verlagen, omdat zij ervan uitging dat de man zijn ontslagvergoeding moest gebruiken ter suppletie van zijn WW-uitkering.
In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat de man, gezien zijn leeftijd, specialisme en de verplaatsing van zijn werkzaamheden naar Taiwan, vrijwel geen kans heeft op herintreding in de arbeidsmarkt. Het hof achtte de keuze van de man om de ontslagvergoeding aan een stamrecht te besteden daarom redelijk en hield geen rekening met suppletie van de WW-uitkering.
Op basis van het fiscale jaarloon, het rendement op vermogen, woonlasten, ziektekostenpremies en studiekosten voor de zoon, heeft het hof de draagkracht van de man opnieuw berekend. Het hof stelde de partneralimentatie daarom lager vast: €525 per maand van 1 september 2005 tot 1 september 2006 en €890 per maand vanaf 1 september 2006. De man had tot de mondelinge behandeling voldaan aan de oude alimentatie, en het hof ging ervan uit dat partijen eventuele teveel betaalde bedragen onderling verrekenen.
Uitkomst: Het hof verlaagt de partneralimentatie vanwege de verminderde draagkracht van de man en acht de keuze voor stamrecht redelijk.