ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ7005
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en toewijzing servicekosten 2002 na hoger beroep
In deze zaak stond de afrekening van servicekosten over het jaar 2002 centraal tussen twee besloten vennootschappen. Na een tussenarrest van 7 maart 2006 kreeg eiseres in conventie de gelegenheid om aanvullende bewijsstukken in te brengen. Zij bracht een overzicht met uitgebreide toelichting en onderliggende facturen in het geding.
De wederpartij zag af van een reactie op deze bewijsstukken, waardoor het hof concludeerde dat er geen verzet meer was tegen de berekening van de servicekosten door eiseres. Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover de vordering van eiseres was afgewezen en wees de vordering toe tot een bedrag van €1.279,-. Voor het overige werd de vordering afgewezen.
Het hof liet de proceskostenveroordeling van de eerste aanleg in stand en veroordeelde eiseres in de kosten van het hoger beroep, waarbij de kosten aan de zijde van de wederpartij werden begroot op €244,- voor verschotten en €1.158,- voor salaris procureur. De veroordelingen werden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering servicekosten 2002 toegewezen tot €1.279,-; overige vordering afgewezen.