ECLI:NL:GHSHE:2006:BA0819
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Bewijswaardering betalingsverplichting man jegens vrouw na echtscheiding
In deze civiele zaak stond centraal of een door de man erkende geldschuld in het kader van de echtscheiding een voorwaardelijk karakter had, waarbij betaling slechts zou zijn vereist indien de vrouw hypotheeklasten van de voormalige echtelijke woning zou dragen. Het hof heeft getuigen gehoord, waaronder de man, de vrouw en een derde getuige, en heeft de verklaringen onderling afgewogen.
De man stelde dat de schuld van DM 88.000,- diende als zekerheid voor de vrouw, zodat zij een verhaalsmogelijkheid had indien zij hypotheeklasten zou dragen. De vrouw stelde echter dat er een afzonderlijke regeling was getroffen over de hypotheekafwikkeling en dat de schuld betrekking had op vergoedingsrechten over de samenwoning. De getuigenverklaringen ondersteunden deze laatste stelling en ontkenden het voorwaardelijke karakter van de schuld.
Het hof concludeerde dat niet is bewezen dat de betalingsverplichting van de man voorwaardelijk was. De verklaring van de derde getuige droeg hier niet aan bij, omdat deze niet bevestigde dat de schuld een voorwaardelijk karakter had. Het hof bekrachtigde daarom het vonnis van de rechtbank Roermond en veroordeelde de man in de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de man af.