ECLI:NL:GHSHE:2006:BC8919
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Begheyn
- Hendriks-Jansen
- Fikkers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken bruikleenovereenkomst en bewijs pachtovereenkomst
In deze civiele zaak stond centraal of tussen appellant sub 1 c.s. en persoon 4 een bruikleenovereenkomst bestond betreffende het gebruik van weilanden. Geïntimeerde sub 1 c.s. baseerde zijn vordering uitdrukkelijk op het bestaan van een bruikleenovereenkomst, welke niet kon worden bewezen. Het hof stelde vast dat er geen bruikleenovereenkomst was gesloten, maar dat er sprake was van een overeenkomst onder bezwarende titel.
Tijdens de bewijslevering werden getuigen gehoord die verklaarden dat er betalingen werden gedaan door appellant sub 1 c.s. voor het gebruik van de grond, wat duidt op een pachtovereenkomst. Geïntimeerde sub 1 c.s. had echter steeds bestreden dat sprake was van pacht en had deze mogelijkheid niet als grondslag voor zijn vordering aangevoerd. Hierdoor kon het hof zijn oordeel niet op die grond baseren.
Het hof oordeelde dat de vorderingen van geïntimeerde sub 1 c.s. moesten worden afgewezen en dat appellant sub 1 c.s. geen belang meer had bij de verdere behandeling van de overige grieven. Tevens werden de vonnissen van de rechtbank vernietigd en werd geïntimeerde sub 1 c.s. veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van geïntimeerde sub 1 c.s. worden afgewezen wegens ontbreken van bewijs voor een bruikleenovereenkomst.