ECLI:NL:GHSHE:2007:BA0521
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.W.J. Huige
- T. Blokland
- R.H. Happé
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late indiening na sprongcassatieverzoek
Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de Rechtbank Breda inzake een aanslag inkomstenbelasting over 2002. Het hoger beroep werd ingediend na de wettelijke termijn van 8 september 2005. Belanghebbende beriep zich op verschoonbaar verzuim omdat hij een sprongcassatieverzoek had ingediend en een instemmingsverklaring van de Inspecteur had gevraagd.
Het hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd dat zijn brief van 21 augustus 2005 tijdig was verstuurd en ontvangen door de Inspecteur. De Inspecteur had het verzoek pas op 27 september 2005 ontvangen, buiten de beroepstermijn. Ook de Inspecteur had het verzoek onjuist zelfstandig afgehandeld in strijd met het Besluit beroep in belastingzaken 2005.
Het hof concludeerde dat het beroep te laat was ingediend en dat toepassing van artikel 6:15 Awb Pro geen grond bood om het beroep alsnog tijdig te achten. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en werd de inhoudelijke beoordeling achterwege gelaten.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.