ECLI:NL:GHSHE:2007:BA1213
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- P.A.M. Hendriks
- G.A.M. Stevens
- P.R. Feith
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot kennisgeving niet verdere vervolging wegens onvindbaarheid beklaagde
Op 23 augustus 2002 deed klager aangifte van vrijheidsbeneming tegen beklaagde. Beklaagde was onvindbaar, waardoor aanvankelijk geen vervolging plaatsvond. Klager diende een klaagschrift in bij het hof, dat op 25 mei 2004 het beklag gegrond verklaarde en vervolging beval wegens overtreding van artikel 284 Sr Pro.
De officier van justitie verzocht later om kennisgeving van niet verdere vervolging, omdat beklaagde nog steeds onvindbaar was. Het hof behandelde dit verzoek in raadkamer op 5 december 2006, waarbij klager niet verscheen. De advocaat-generaal persisteerde bij het schriftelijk verslag.
Het hof oordeelde dat het niet kunnen horen van beklaagde een vervolging en veroordeling bij verstek niet in de weg staat. Gezien de ernst van het feit en de aanwijzingen in het dossier waren er voldoende gronden om het verzoek tot kennisgeving niet verdere vervolging af te wijzen. Het verzoek werd derhalve afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot kennisgeving van niet verdere vervolging wordt afgewezen en de vervolging wordt voortgezet ondanks onvindbaarheid beklaagde.