ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2916
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- O.M.J.J. van de Loo
- P.A.M. Hendriks
- F. van Beuge
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep tegen verlenging voorlopige hechtenis door Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch behandelde het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank die de verlenging van de voorlopige hechtenis van verdachte had bevolen. De rechtbank had bij vordering ex artikel 67B Sv het door de raadkamer weggestreepte feit 1 alsnog voorgelegd en deze vordering toegewezen.
Het hof oordeelde dat het Openbaar Ministerie weliswaar tegen de beslissing van de raadkamer in beroep kon gaan, maar dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die dit rechtvaardigden. Daarom was het niet toegestaan om het weggestreepte feit alsnog aan de rechtbank voor te leggen. Het hof stemde in met de beschikking van de rechtbank enkel voor wat betreft feit 2 en de gronden daarvoor.
De situatie als bedoeld in artikel 67a lid 3 Wetboek van Strafvordering deed zich niet voor, zodat het hoger beroep moest worden afgewezen. Tevens werd het mondelinge verzoek van de raadsman van verdachte tot schorsing van de voorlopige hechtenis afgewezen, omdat het belang van de voorlopige hechtenis zwaarder woog dan het belang van verdachte. De beschikking werd voor het overige vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de verlenging van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen voor feit 2 en de beschikking wordt voor het overige vernietigd.