ECLI:NL:GHSHE:2007:BB1911
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.W.J. Huige
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaarschrift inkomstenbelasting 1994 afgewezen
Belanghebbende diende een bezwaarschrift in tegen een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 1994. De Inspecteur verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk omdat het niet binnen de wettelijke termijn van zes weken was ingediend. Belanghebbende stelde dat hij tijdig bezwaar had aangetekend op 30 juni 1996, maar kon dit niet overtuigend bewijzen.
Het hof stelde vast dat het bezwaarschrift pas op 9 december 1996 door de Inspecteur was ontvangen, ruim na de termijn die op 12 juli 1996 eindigde. Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat hij het bezwaarschrift tijdig had verzonden, mede omdat hij het aanslagbiljet niet had ontvangen en pas reageerde na invorderingsmaatregelen in november 1996.
Het hof overwoog dat het algemene belang van een doelmatige procesgang zwaarder woog dan het belang van belanghebbende om uitstel te krijgen voor mondelinge behandeling, temeer daar hij reeds meerdere malen uitstel had gevraagd en gekregen. Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring werd daarom ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift wordt ongegrond verklaard.