ECLI:NL:GHSHE:2007:BB2794
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- De Groot-Van Dijken
- Hofkes
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid vennoot VOF voor energiediefstal en kosten Essent bevestigd
In deze civiele zaak stond appellant sub 2 terecht als vennoot van de vennootschap onder firma (VOF) appellante sub 1, die door Essent werd aangesproken wegens energiediefstal. Essent stelde dat er sprake was van een hennepkwekerij in het pand van de VOF, waarbij illegaal elektriciteit werd afgetapt, wat leidde tot een aanzienlijke vordering van ruim 29.000 euro.
Appellant sub 2 voerde in hoger beroep aan dat hij feitelijk niet als vennoot had gefunctioneerd en slechts geld had geleend aan degene die het autobedrijf dreef. Het hof oordeelde echter dat de inschrijving in het handelsregister doorslaggevend is en dat Essent mocht afgaan op deze inschrijving. De stelling dat een vennootschapsovereenkomst ontbrak, was niet relevant.
Daarnaast faalden de grieven dat appellant sub 2 niet aansprakelijk kon worden gehouden omdat hij niet strafrechtelijk was veroordeeld voor het opiumdelict en geen werkzaamheden binnen de VOF verrichtte. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant sub 2 in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt de hoofdelijke aansprakelijkheid van appellant sub 2 voor de energiediefstal en veroordeelt hem tot betaling van de vordering en proceskosten.