ECLI:NL:GHSHE:2007:BB2802
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brandenburg
- Meulenbroek
- Hutten
- Rechtspraak.nl
Geen verplichting tot afgifte schone grondverklaring bij verkoop pand met bodemverontreiniging
In deze civiele zaak draaide het hoger beroep om de vraag of de verkoper verplicht was een schone grondverklaring af te geven bij de verkoop van een pand met een winkelruimte en woning. De koper had de koopprijs grotendeels betaald, maar hield €30.000 in depot vanwege het ontbreken van deze verklaring.
De bodemonderzoeken toonden verontreinigingen aan, maar volgens de gemeente vormden deze geen belemmering voor het gebruik van het pand als winkel en woonhuis. De rechtbank had de verkoper veroordeeld tot afgifte van een schone grondverklaring en schadevergoeding, maar het hof vernietigde dit oordeel. Het begrip 'schone grondverklaring' bestaat niet in de regelgeving en moet worden uitgelegd aan de hand van het spraakgebruik en de omstandigheden. De koper mocht verwachten dat de bodem geschikt was voor het beoogde gebruik, maar niet dat deze volledig vrij van verontreiniging was.
Daarnaast was niet komen vast te staan dat de verkoper op de hoogte was van verbouwingsplannen die extra kosten voor grondafvoer zouden veroorzaken. De koper kon daarom niet een hogere bodemkwaliteit verwachten. Het hof veroordeelde de koper om het depot van €30.000 aan de verkoper te betalen, met een dwangsom bij niet-naleving, en wees de schadevergoeding af. De kosten van het geding werden aan de zijde van de verkoper toegewezen.
Uitkomst: De koper is veroordeeld het depot van €30.000 aan de verkoper te betalen, terwijl de vorderingen tot afgifte van een schone grondverklaring en schadevergoeding zijn afgewezen.