ECLI:NL:GHSHE:2007:BB7901
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- De Groot-van Dijken
- Meulenbroek
- Keizer
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor onrechtmatige gedraging tijdens fietstocht met plotselinge snelheidsvermindering
Op 26 juni 2002 namen appellante en geïntimeerde deel aan een door hun werkgever georganiseerde fietstocht van 180 km, waarbij in een groep van circa 23 personen met een snelheid van 25 tot 30 km/u werd gefietst. Geïntimeerde reed langere tijd op kop en wilde zijn positie als koprijder staken door abrupt zijn benen stil te houden, waardoor zijn snelheid plotseling terugliep. Dit leidde tot een kettingreactie waarbij meerdere fietsers ten val kwamen, waaronder appellante die ernstig letsel opliep.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat geïntimeerde een teken had gegeven alvorens vaart te minderen, waardoor geen onzorgvuldigheid bestond. Het hof verwerpt dit oordeel omdat noch geïntimeerde, noch andere getuigen een dergelijk teken hebben waargenomen. Het hof stelt vast dat het gedrag van geïntimeerde, het plotseling en zonder waarschuwing terugvallen in snelheid, niet tot de normale gedragingen binnen de toerfietssport behoort en als onveilig en onzorgvuldig moet worden aangemerkt.
Hoewel sprake was van een sport- en spelsituatie, waarbij deelnemers bepaalde risico's accepteren, was de gedraging van geïntimeerde zodanig onzorgvuldig dat deze onrechtmatig is jegens appellante. Geïntimeerde had als ervaren fietser moeten beseffen dat zijn plotselinge manoeuvre gevaarlijk was voor de achterliggende fietsers, die bovendien met elkaar in gesprek waren en mogelijk niet adequaat konden reageren.
Het hof wijst het verweer van geïntimeerde af dat appellante eigen schuld heeft omdat zij deelnam aan een risicovolle situatie of niet voldoende oplettend was. De enkele deelname aan de tocht en het voeren van een gesprek tijdens het fietsen rechtvaardigen geen vermindering van de aansprakelijkheid van geïntimeerde. Het hof verklaart appellante niet-ontvankelijk in haar hoger beroep tegen een tussenvonnis, verwijst de zaak voor nadere bewijslevering over de schade en houdt de verdere beslissing aan.
Uitkomst: Geïntimeerde is aansprakelijk voor de door appellante geleden schade wegens onrechtmatig en onzorgvuldig gedrag tijdens de fietstocht.