ECLI:NL:GHSHE:2007:BC1563
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Meulenbroek
- De Kok
- Hofkes
- Rechtspraak.nl
Geen bevoegdheid tot aankoopovereenkomst door makelaar zonder expliciete volmacht
In deze civiele zaak stond centraal of [persoon 5], handelend als makelaar/bemiddelaar, bevoegd was namens [geïntimeerde] een koopovereenkomst te sluiten voor een perceel grond van Ioom BV. Ioom stelde dat op basis van een 'verwervings- en adviesopdracht' en diverse omstandigheden de makelaar een ongeclausuleerde aankoopopdracht had gekregen, en vorderde nakoming en schadevergoeding.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van een ongeclausuleerde aankoopopdracht en dat Ioom het bewijs moest leveren dat [geïntimeerde] de schijn van bevoegdheid aan [persoon 5] had gewekt. Na uitgebreid bewijs, waaronder getuigenverklaringen, concludeerde de rechtbank dat Ioom hierin niet was geslaagd. Het hof bevestigde deze beoordeling en verwierp alle grieven van Ioom.
Het hof benadrukte dat een opdracht aan een makelaar in beginsel slechts een bemiddelingsopdracht betreft en niet de bevoegdheid tot het sluiten van koopovereenkomsten, tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald. De term 'verwerving' in de opdrachtbrief werd niet als zodanig uitgelegd. Ook de overige door Ioom aangevoerde omstandigheden, zoals gesprekken en het uitblijven van protest, waren onvoldoende om de schijn van volmacht te rechtvaardigen.
Daarnaast wees het hof de subsidiaire vorderingen af die gebaseerd waren op aansprakelijkheid van [geïntimeerde] voor onrechtmatig handelen van haar hulppersoon, omdat het functionele verband voor artikel 6:171 BW Pro ontbrak en onvoldoende toezicht niet was aangetoond.
De vonnissen van de rechtbank werden bekrachtigd, Ioom werd veroordeeld in de proceskosten en het in hoger beroep gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De vorderingen van Ioom worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van bevoegdheid of schijn van bevoegdheid van de makelaar.