ECLI:NL:GHSHE:2007:BC2609
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- H. Eijsenga
- J.H.J.M. Mertens - Steeghs
- F. van Es
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens illegaal aanplakken van handelsreclame op stroomkast in Eindhoven
Verdachte werd beschuldigd van het zonder schriftelijke toestemming aanbrengen van een poster met handelsreclame op een stroomkast in Eindhoven op 6 april 2006. In hoger beroep heeft verdachte verklaard dat het om handelsreclame ging. Het hof oordeelde dat het verbod op het aanbrengen van handelsreclame op zichtbare onroerende zaken in de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 2004 een toegestane beperking is van het recht op vrije meningsuiting.
Het hof stelde vast dat ondanks het verbod voldoende alternatieve mogelijkheden bestaan voor verspreiding van handelsreclame, zoals ophangen in horecagelegenheden, uitdelen van flyers en gebruik van commerciële voorzieningen met vergunning. Het verweer van verdachte dat er te weinig plakplaatsen zijn, werd daarom verworpen.
Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter wegens onvoldoende motivering en verklaarde het bewezen dat verdachte de poster zonder toestemming heeft aangebracht. Wel sprak het hof verdachte vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen waren.
Gezien de persoonlijkheid van verdachte en het feit dat hij zijn illegale plakactiviteiten heeft gestaakt, besloot het hof geen straf of maatregel op te leggen. De beslissing is gebaseerd op relevante artikelen uit het Wetboek van Strafrecht en de Algemene Plaatselijke Verordening Eindhoven 2004.
Uitkomst: Verdachte is strafbaar verklaard voor het zonder toestemming aanplakken van handelsreclame, maar er is geen straf opgelegd.