ECLI:NL:GHSHE:2007:BD6475
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- J.W. de Ruijter
- B.F. de Poorter
- F.J.M. Walstock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing klacht wegens gebrek aan bewijs van smaad, laster en bedreiging in emotionele brief
Op 6 april 2007 deed klager aangifte tegen beklaagde wegens smaad, laster en bedreiging. Beklaagde, een nabestaande van slachtoffers van een viervoudige moord gepleegd door klager, had een brief geschreven aan de minister van justitie met scherpe uitlatingen over klager.
De officier van justitie besloot de zaak niet te vervolgen wegens gebrek aan voldoende verdenking. Klager diende daarop een klaagschrift in bij het hof met het verzoek tot vervolging. Het hof overwoog dat de brief niet bedoeld was om ruchtbaarheid te geven aan de inhoud en dat het niet aannemelijk was dat beklaagde klager heeft willen bedreigen met een misdrijf tegen het leven.
Het hof achtte de brief een uiting van onvrede en machteloosheid in een rouwproces, waarbij enige emotie begrijpelijk is. Gezien het ontbreken van bewijs en de context van de brief, vond het hof vervolging niet opportuun en wees het beklag af. Het hof zag geen noodzaak tot nader onderzoek en besloot af te zien van het horen van klager in raadkamer.
Uitkomst: Het hof wijst het beklag af wegens gebrek aan bewijs en acht vervolging niet opportuun.