ECLI:NL:GHSHE:2008:BC2770
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Waaijers
- Heidinga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging pensioenverplichting op basis van eindloonregeling ondanks salariswijzigingen
In deze zaak vordert geïntimeerde dat GCA wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag waarmee zijn pensioenuitkering wordt verzekerd op basis van een eindloonregeling van 1,75% maal 27 dienstjaren maal het pensioengevend salaris van f 170.000,-. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden in 2002, waarbij een vergoeding werd toegekend. GCA werd als rechtsopvolger van de Gentenaar Group beschouwd en zou de pensioentoezeggingen moeten nakomen.
De pensioenregeling was oorspronkelijk een eindloonregeling, maar GCA gaf vanaf 1995 een lager pensioengevend salaris door aan de verzekeraar Centraal Beheer, wat leidde tot een lagere premie. GCA besloot later de eindloonregeling te vervangen door een beschikbare premieregeling. Geïntimeerde stemde in met de lagere salarisopgave, maar het hof oordeelt dat dit niet betekent dat hij afstand deed van zijn rechten uit de eindloonregeling.
De rechtbank oordeelde dat geïntimeerde recht heeft op premieafdracht conform de eindloonregeling en dat er geen sprake is van rechtsverwerking of afstand. Het hof bevestigt dit oordeel en wijst het beroep van GCA op eigen schuld van geïntimeerde af. Ook het beroep op nietigheid van een wijziging zonder toestemming van de echtgenote wordt besproken en verworpen.
Het hof bekrachtigt de eerdere vonnissen en veroordeelt GCA in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke afspraken en schriftelijke vastlegging bij wijziging van pensioenregelingen.
Uitkomst: Het hof veroordeelt GCA tot betaling van het pensioenbedrag op basis van de overeengekomen eindloonregeling en bekrachtigt de eerdere vonnissen.