ECLI:NL:GHSHE:2008:BC3267
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E. Everaars-Katerberg
- S. Smeenk-van der Weijden
- J. Pellis
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen herstelbeschikking hoofdverblijf kinderen na echtscheiding
Partijen zijn in 1995 gehuwd en hebben twee minderjarige kinderen. Na hun echtscheiding in 2006 werd het hoofdverblijf van de kinderen niet definitief vastgesteld, maar werd een omgangsregeling met de vader vastgesteld. De moeder verzocht de rechtbank om de beschikking van 4 juli 2007 te verbeteren door het hoofdverblijf bij haar vast te stellen. De rechtbank verbeterde de beschikking, maar de vader stelde dat dit buiten de toepassingsmogelijkheden van artikel 31 Rv Pro viel en dat hij niet voldoende gelegenheid had gehad zich uit te laten.
Het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte artikel 31 Rv Pro had toegepast omdat geen sprake was van een kennelijke fout, maar van een inhoudelijke beslissing die niet zonder meer kon worden verbeterd. Het hof verklaarde het hoger beroep van de vader ontvankelijk en vernietigde de herstelbeschikking. Tevens wees het hof het verzoek van de moeder tot verbetering of aanvulling van de beschikking af op grond van artikel 31 en Pro 32 Rv.
De kinderen waren onder toezicht gesteld van een stichting, die de huidige verblijfplaats bij de moeder verantwoord vond. Het hof compenseerde de proceskosten tussen partijen, aangezien zij gewezen echtgenoten zijn. De beschikking werd uitgesproken op 31 januari 2008 door het gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het hof vernietigt de herstelbeschikking en wijst het verzoek tot verbetering van het hoofdverblijf af.