ECLI:NL:GHSHE:2008:BC3293
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken reconventionele vordering bij huurgeschil onder €1.750
In deze civiele zaak vordert verhuurster betaling van achterstallige huur en kosten van huurder, met een totale eis van ongeveer €1.351,-. Huurder stelt dat hij zijn huur heeft betaald door verrekening met de borg en een te late oplevering van de kamer, en voert hoger beroep aan tegen het vonnis van de kantonrechter Breda.
De kern van het geschil betreft de ontvankelijkheid van het hoger beroep. Huurder betoogt dat zijn verweer in eerste aanleg als een reconventionele vordering moet worden aangemerkt, zodat de optelregel van artikel 332 lid 3 Rv Pro van toepassing is en het hoger beroep ontvankelijk is. Het hof onderzoekt deze stelling en concludeert dat in de brief van de vader van huurder geen eis in reconventie kan worden gelezen, maar slechts een beroep op verrekening.
Omdat het verweer niet als reconventionele vordering kwalificeert, blijft de totale waarde van de vordering onder de €1.750,-, waardoor het hoger beroep niet ontvankelijk is. De overige grieven worden niet inhoudelijk behandeld. Huurder wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen door het hof 's-Hertogenbosch op 15 januari 2008.
Uitkomst: Het hoger beroep van huurder wordt verworpen wegens niet-ontvankelijkheid omdat geen reconventionele vordering is ingesteld.