ECLI:NL:GHSHE:2008:BC9436
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brandenburg
- Meulenbroek
- Keizer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vonnis en afwijzing vordering advocatenmaatschap wegens onvoldoende bewijs opdrachtverlening
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of appellante een opdracht had verstrekt aan de advocatenmaatschap voor juridische bijstand, waarop betaling van een factuur was gebaseerd. Appellante had een voorschot betaald maar betwistte de opdrachtverlening en de hoogte van de factuur.
De advocatenmaatschap had partijgetuigen gehoord die lid waren van de maatschap, maar geen aanvullend bewijs geleverd dat de verklaringen voldoende geloofwaardig maakte. Het hof oordeelde dat de bewijsopdracht niet was nagekomen en dat de verklaringen van partijgetuigen zonder aanvullend bewijs onvoldoende waren.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de kantonrechter, wees de vordering van de maatschap af en veroordeelde deze tot terugbetaling van een bedrag dat onterecht was verrekend met het voorschot, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens werd de maatschap veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de advocatenmaatschap wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van opdrachtverlening en € 861,= wordt aan appellante terugbetaald met rente.