ECLI:NL:GHSHE:2008:BD3905
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Spoor
- Slootweg
- Walsteijn
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter en toepasselijkheid Duits recht op arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat centraal de vraag welke rechter bevoegd is en welk recht van toepassing is op een arbeidsovereenkomst tussen een Nederlandse werknemer en een Duitse werkgever. De werknemer vordert betaling van provisie en stelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is. De werkgever betwist dit en wijst op een forumkeuze en rechtskeuze voor Duitsland.
Het hof oordeelt dat de Nederlandse rechter bevoegd is op grond van de EG-Verordening nr. 44/2001, afdeling 5, omdat de werknemer zijn werkzaamheden voornamelijk in Nederland verrichtte. De forumkeuze in de arbeidsovereenkomst is niet geldig omdat deze vóór het ontstaan van het geschil is gemaakt. Wat het toepasselijke recht betreft, concludeert het hof dat partijen impliciet een rechtskeuze voor Duits recht hebben gemaakt, gelet op de bepalingen en omstandigheden van de arbeidsovereenkomst.
De werknemer stelde dat Nederlandse dwingende bepalingen, zoals artikel 3:307 BW Pro over verjaring, van toepassing zijn, maar het hof stelt dat deze bepaling niet dwingend is in de zin van het Europees Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (EVO). Daarom geldt het Duitse recht ook voor de verjaring van provisieclaims. Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter en verwijst de zaak terug voor inhoudelijke behandeling onder toepassing van Duits recht, met compensatie van de proceskosten.
Uitkomst: De Nederlandse rechter is bevoegd en op de arbeidsovereenkomst is Duits recht van toepassing; de zaak wordt terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.