ECLI:NL:GHSHE:2008:BD5642
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Gründemann
- De Klerk-Leenen
- Pouw
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schuldsaneringsverzoek wegens misdrijven jegens compagnon en gebrek aan goede trouw
De appellant verzocht de rechtbank om toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een schuld van circa €680.000, waaronder een groot bedrag aan een deurwaarderskantoor. De rechtbank wees het verzoek af omdat appellant onvoldoende maatregelen had getroffen om het bedrijf tijdens zijn voorlopige hechtenis draaiende te houden, die hechtenis was opgelegd wegens geweldsdelicten jegens zijn echtgenote en compagnon.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij samen met zijn echtgenote verantwoordelijk was voor de onderneming en dat zij zonder overleg de samenwerking had beëindigd, waarna de bank de kredietfaciliteiten stopzette. Hij stelde dat hij wel degelijk had geprobeerd het bedrijf draaiende te houden en dat er geen causaal verband bestond tussen zijn detentie en het faillissement.
Het hof oordeelde dat op grond van artikel 288 lid 1 sub b Faillissementswet Pro het verzoek tot schuldsanering slechts kan worden toegewezen indien aannemelijk is dat de schuldenaar te goeder trouw is geweest. Het hof hechtte doorslaggevende betekenis aan het feit dat appellant strafbare feiten jegens zijn compagnon had gepleegd, waardoor de samenwerking abrupt eindigde en de bank het krediet opvroeg. Dit maakte dat appellant niet te goeder trouw was bij het onbetaald laten van schulden.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank met verbetering van gronden en wees het verzoek tot schuldsanering af.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw door gepleegde misdrijven jegens de compagnon.