ECLI:NL:GHSHE:2008:BD6268
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- E. Everaars-Katerberg
- J. Van Zinnen
- M. Beekhoven van den Boezem
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep inzake vaststelling partneralimentatiebehoefte
Partijen zijn in 1975 gehuwd en leven al jaren gescheiden. De rechtbank heeft bij beschikking voorlopige partneralimentatie vastgesteld en de vrouw in de gelegenheid gesteld verificatoire bescheiden over haar behoefte in te brengen. De vrouw stelde in hoger beroep dat de behoefte aan alimentatie niet op het gezinsinkomen van 2000, maar op dat van 2006 moest worden vastgesteld.
Het hof oordeelde dat de vrouw zich richtte tegen een tussenbeschikking, waartegen hoger beroep slechts openstaat indien dit uitdrukkelijk in het dictum is bepaald. Omdat de rechtbank geen eindbeslissing over de behoefte had genomen en de vrouw niet-ontvankelijk was verklaard, kon het hof inhoudelijk niet op haar verzoek ingaan.
De vrouw had tijdens de procedure ook verzocht om een appellabele beslissing, maar dit was afgewezen. Het hof compenseerde de proceskosten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak bevestigt de restrictieve toepassing van hoger beroep tegen tussenbeschikkingen in familierechtelijke procedures.
Uitkomst: De vrouw is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de tussenbeschikking inzake de vaststelling van haar partneralimentatiebehoefte.