ECLI:NL:GHSHE:2008:BD9101
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- P.A.M. Hendriks
- G.A.M. Stevens
- F.J.M. Walstock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beklag wegens vermeende schending ambtsgeheim en smaad door burgemeester Maastricht
Klager, voormalig fractievoorzitter van het CDA in Maastricht, deed aangifte tegen de burgemeester wegens schending van het ambtsgeheim, smaad, laster en overtreding van de Wet Bescherming Persoonsgegevens. De officier van justitie besloot niet tot vervolging, waarna klager beklag indiende bij het hof.
Het hof onderzocht de feiten, waaronder gesprekken en correspondentie tussen klager en beklaagde, en raadpleegde deskundigen op staats- en bestuursrechtelijk gebied. Uit het dossier bleek dat klager formeel instemde met het naar buiten brengen van informatie over zijn schulden, onder meer via een gespreksverslag dat hij 'voor gezien' tekende en een gesprek met de burgemeester.
Het hof oordeelde dat de burgemeester op 20 november 2007 mocht aannemen dat hij toestemming had om informatie over klagers schulden aan de CDA-fractie te verstrekken. Toen dezelfde informatie later per brief aan de gemeenteraad werd gestuurd, was deze niet langer geheim. Er waren onvoldoende aanwijzingen voor schending van het ambtsgeheim, smaad of laster. Daarnaast is overtreding van de Wet Bescherming Persoonsgegevens geen strafbaar feit.
Het hof concludeerde dat het beklag ongegrond was en wees het af, waarmee de beslissing van de officier van justitie werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het beklag af wegens onvoldoende aanwijzingen voor schending van het ambtsgeheim en smaad.