ECLI:NL:GHSHE:2008:BG3593
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Waaijers
- Zweers-Van Vollenhoven
- Rechtspraak.nl
Arbeidsongeschiktheidsverzekering en de definitie van ongeval bij psychisch letsel
In deze civiele zaak draait het om de vraag of een traumatische gebeurtenis op het werk, die leidde tot arbeidsongeschiktheid van appellant binnen 365 dagen na het afsluiten van een arbeidsongeschiktheidsverzekering, kan worden aangemerkt als een ongeval in de zin van de polisvoorwaarden.
Appellant stelde dat het psychisch letsel, veroorzaakt door het vinden van een overleden persoon, gelijkgesteld moest worden met een ongeval, en dat de verzekering daardoor uitkering verschuldigd was. Cardif, de verzekeraar, wees dit af op grond van de polisvoorwaarden waarin een ongeval strikt wordt gedefinieerd als een plotseling, van buiten komend, op het lichaam inwerkend geweld met lichamelijk letsel.
Het hof oordeelde dat de definitie van ongeval in de polis geen psychisch letsel omvat, mede gelet op het onderscheid tussen lichamelijk en geestelijk letsel in de voorwaarden en de wettelijke bepalingen. De uitleg van appellant was niet onderdeel geworden van de overeenkomst, omdat hij dit niet tijdig aan de verzekeraar had gemeld.
Daarom werd het vonnis van de rechtbank bevestigd en appellant veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt dat psychisch letsel geen ongeval is in de zin van de polis, waardoor geen uitkering verschuldigd is.