ECLI:NL:GHSHE:2008:BG9625
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P. Fortuin
- J.W.J. Huige
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen boetebeschikking loonheffing wegens niet tijdige betaling
Belanghebbende, een bouw- en exploitatiemaatschappij, kreeg een naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd over de jaren 2002 en 2003, inclusief een boete van 25% van het nageheven bedrag. De Inspecteur stelde dat belanghebbende grove schuld had omdat zij na het opmaken van de jaarstukken niet spontaan de te weinig afgedragen loonheffing had voldaan of een suppletieaangifte had ingediend.
Belanghebbende voerde aan dat de verschuldigde loonheffing in de jaarstukken was opgenomen en dat betaling pas vereist is na een naheffingsaanslag. Het hof oordeelde dat de wet pas sinds 1 januari 2006 een regeling kent voor correctieberichten en dat belanghebbende met het opnemen van de balanspost alle benodigde informatie had verstrekt. Het hof vond geen sprake van grove schuld en verwierp het verwijt van de Inspecteur.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de boetebeschikking, en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten. Tevens werd het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak bevestigt dat het enkel opnemen van een balanspost loonheffing niet als uitdrukkelijk kenbaar maken in de zin van het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst kan worden aangemerkt.
Uitkomst: De boetebeschikking wordt vernietigd omdat belanghebbende geen grove schuld heeft aan het niet tijdig betalen van loonheffing.