ECLI:NL:GHSHE:2008:BQ6354
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Schaik-Veltman
- Venhuizen
- Van Laarhoven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake asbest in dak van loods en woonhuis met overlijden partij en procedurele kwesties
In deze civiele procedure staat het hoger beroep centraal tegen vonnissen van de rechtbank Maastricht over asbest in het dak van een loods en een woonhuis. Principaal appellanten [A.] c.s. voeren vier grieven aan en wensen de vorderingen van geïntimeerden [C.] c.s. af te wijzen. Geïntimeerden hebben deze grieven bestreden en tevens voorwaardelijk incidenteel appel ingesteld met subsidiaire vorderingen.
Tijdens het geding in eerste aanleg is geïntimeerde [C.] overleden. Ondanks dit overlijden hebben appellanten niet de erfgenamen van [C.] gedagvaard, maar [C.] zelf, terwijl de wet vereist dat het hoger beroep wordt ingesteld door of tegen de erfgenamen. Dit leidt tot een ontvankelijkheidsprobleem.
Het hof constateert dat de procedure door de echtgenote [D.] van de overleden partij is voortgezet zonder schorsing, en dat zij ook in hoger beroep namens zichzelf en haar overleden echtgenoot heeft geprocedeerd. Het hof verwijst de zaak naar de rol om [D.] in de gelegenheid te stellen te verklaren of zij namens zichzelf en de erfgenamen van haar echtgenoot wil procederen, met de verplichting een verklaring van de erfgenamen over te leggen.
Daarmee wordt iedere verdere beslissing in het principaal en incidenteel appel aangehouden totdat deze procedurele kwestie is opgelost.
Uitkomst: De zaak is aangehouden om de vertegenwoordiging van de erfgenamen te regelen voordat verdere beslissingen worden genomen.