ECLI:NL:GHSHE:2009:BI2766
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Lamers
- Milar
- Van der Linden
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondercuratelestelling wegens geestelijke stoornis en beschermingsbehoefte
Appellante is door de rechtbank onder curatele gesteld wegens een geestelijke stoornis die haar, al dan niet met tussenpozen, belemmert haar belangen behoorlijk waar te nemen. In hoger beroep betwist zij deze ondercuratelestelling en voert aan dat zij veel zaken zelf regelt en dat het psychologisch rapport verouderd is.
Het hof heeft kennisgenomen van diverse rapporten, waaronder een psychologisch onderzoek uit 2003 en een recente brief van een psychiater, die bevestigen dat appellante een hersenbeschadiging heeft met verstandelijke beperkingen. Tevens is vastgesteld dat appellante intensieve ondersteuning nodig heeft en dat eerdere pogingen om haar belangen te beschermen via onderbewindstelling onvoldoende waren.
Geïntimeerden, haar ouders, hebben toegelicht dat appellante door haar relaties en gedragingen regelmatig haar belangen schaadt en dat bescherming noodzakelijk is. Het hof acht de ondercuratelestelling passend omdat de geestelijke stoornis niet altijd herkenbaar is en onderbewindstelling onvoldoende bescherming biedt.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst het hoger beroep van appellante af. De ondercuratelestelling is bedoeld om zowel haar vermogensrechtelijke als niet-vermogensrechtelijke belangen adequaat te beschermen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondercuratelestelling van appellante wegens haar geestelijke stoornis en beschermingsbehoefte.