ECLI:NL:GHSHE:2009:BI6314
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van Gink
- Rechtspraak.nl
Geen verplichting sociale verhuurder tot aanbieden vervangende woonruimte na brand en ontbinding huur
In deze civiele zaak stond centraal of Maaskant Wonen, een sociale verhuurder, gehouden was om vervangende woonruimte aan te bieden aan [echtgenote] en [echtgenoot] nadat hun woning door brand volledig was verwoest en de huurovereenkomst was ontbonden op grond van artikel 7:210 lid 1 BW Pro.
De feiten, niet betwist in hoger beroep, wezen uit dat de woning was afgebrand en gesloopt, dat Maaskant Wonen geen nieuwbouwplannen had en dat de huurders hun verblijfplaats na de brand niet hadden meegedeeld. Maaskant Wonen had de huur ontbonden en de huurders hadden dit aangevochten met vorderingen tot nietigverklaring van de ontbinding en/of toewijzing van een vervangende woning.
Het hof overwoog dat de wet geen onderscheid maakt tussen verhuurders met één of meerdere woningen en dat de ontbinding gerechtvaardigd is zodra het genot van de woning geheel onmogelijk is geworden. De sociale taak van de verhuurder brengt niet mee dat deze verplicht is om vervangende woonruimte te bieden. Redelijkheid en billijkheid kunnen uitzonderlijk tot een dergelijke verplichting leiden, maar dat was hier niet het geval. De huurders waren aangewezen op het reguliere woningtoewijzingsbeleid, waarop zij geen beroep deden.
Ook werd geoordeeld dat Maaskant Wonen niet toerekenbaar tekortgeschoten was in verband met de brand, zodat geen grond bestond voor schadevergoeding. De grieven van de huurders faalden en het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd, waarbij de huurders in de proceskosten werden veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en oordeelt dat Maaskant Wonen niet verplicht is vervangende woonruimte te bieden na brand en ontbinding huur.