ECLI:NL:GHSHE:2009:BI7725
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brandenburg
- Huijbers-Koopman
- Struik
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake onrechtmatige schijnconstructie en aansprakelijkheid bij belastingvordering
In deze civiele zaak staat centraal of appellant onrechtmatig heeft gehandeld jegens de Ontvanger door betrokkenheid bij een schijnconstructie tussen ECT Maasdok en NCH, bedoeld om inning van een belastingvordering te frustreren.
De feiten betreffen een complexe keten van vennootschappen waarbij ECT Maasdok haar activiteiten staakte na een naheffingsaanslag, waarna NCH de activiteiten overnam en later ook stopzette. Appellant, een zelfstandige bemiddelaar, was betrokken bij reparatieopdrachten en factureerde aan Ara Bulk. De Ontvanger stelde dat appellant mede verantwoordelijk was voor de schijnconstructie en vorderde schadevergoeding.
De rechtbank had appellant aansprakelijk gesteld, maar het hof oordeelde dat de Ontvanger onvoldoende had onderbouwd dat appellant zeggenschap had of kennis droeg van de constructie. Appellant trad op als bemiddelaar en had een eigen belang bij de uitvoering van opdrachten. De Pommerische Coöperatie voerde feitelijk de werkzaamheden uit, zonder binding met ECT Maasdok of NCH.
Het hof vernietigde het tussenvonnis en eindvonnis, verklaarde het verzet van appellant gegrond, wees de vordering van de Ontvanger af en veroordeelde de Ontvanger in de proceskosten. De zaak illustreert de noodzaak van concrete bewijsvoering bij aansprakelijkheid voor onrechtmatige schijnconstructies.
Uitkomst: Het hof vernietigt eerdere vonnissen en wijst de vordering van de Ontvanger af wegens onvoldoende bewijs van onrechtmatig handelen van appellant.